Mond-, kaak- & aangezichtschirurgie

Verstandskiezen

Evaluatie vanaf 14 jaar, extractie in de praktijk onder plaatselijke verdoving of in de kliniek onder algemene narcose.

Panoramische radiografie met de vier geïmpacteerde verstandskiezen aangeduid

De verstandskies is de derde molaar, de laatste tand achteraan in de tandboog. Ze verschijnt in de mond tussen 16 en 25 jaar, maar is al veel eerder, nog ingesloten, in de kaak aanwezig. De meeste mensen hebben er vier, maar sommigen hebben er minder — of zelfs meer.

Waarom veroorzaken ze problemen?

Plaatsgebrek in de kaken kan leiden tot doorbraakproblemen, waardoor de verstandskiezen hun natuurlijke en functionele positie niet kunnen innemen. Ze blijven dan volledig geïmpacteerd, of gedeeltelijk ingesloten onder het tandvlees en het bot. De tand kan ook in een verkeerde richting doorbreken. Verschillende verwikkelingen kunnen dan optreden:

  • verplaatsing van de andere tanden
  • pijnlijke ontstekingen
  • infecties, abcessen, flegmonen
  • cysten
  • cariës of terugtrekkend tandvlees bij de aangrenzende tanden

Moeten ze altijd verwijderd worden?

Verstandskiezen hoeven niet systematisch verwijderd te worden, maar men kan wel voorspellen of ze problemen zullen geven. Met een radiografie van de kaken (panoramische radiografie of orthopantomogram) kan de tandarts, orthodontist of kaakchirurg de kans op verwikkelingen inschatten. Wij raden dit onderzoek aan vanaf 14 jaar, en in elk geval wanneer een orthodontische behandeling wordt uitgevoerd.

De ingreep

De extractie van verstandskiezen gebeurt doorgaans door de kaakchirurg, zeker wanneer ze geïmpacteerd zijn. De ingreep kan in de praktijk gebeuren, onder plaatselijke verdoving, of in de kliniek onder algemene narcose. De keuze van de methode hangt af van het aantal tanden, hun positie en complexiteit, en de wensen van de patiënt — rekening houdend met zijn gezondheidstoestand en zijn vermogen om mee te werken. Al deze elementen worden besproken tijdens de eerste raadpleging.

Het verloop na de ingreep

Na de ingreep kunnen pijn en een plaatselijke zwelling optreden, sterk verschillend van persoon tot persoon. Reken gemiddeld op vier dagen werkonbekwaamheid (tussen 0 en 15 dagen), en 2 tot 3 weken hinder bij het tandenpoetsen en het eten.

Verwikkelingen zijn zeldzaam. Bloedingen kunnen optreden in de uren na de ingreep (zie de adviezen na een ingreep). In 1 % van de gevallen ziet men laattijdige infecties, na 1 tot 3 maanden, door moeilijkheden om een goede plaatselijke hygiëne te onderhouden. Bij de onderste verstandskiezen kunnen gevoelsstoornissen van de onderlip of de tong optreden; ze zijn te wijten aan zenuwirritatie en verdwijnen spontaan na enkele weken. Blijvende gevoelsstoornissen zijn uitzonderlijk (minder dan 1 op 2000) en komen enkel voor in bepaalde gevallen die vooraf kunnen worden vermoed en besproken.

Ingrepen onder algemene narcose gebeuren in het Basiliek Ziekenhuis (CHIREC), in dagopname.